De oude stad van Calpe: waarom elke wandeling een nieuw verborgen stukje van de stad onthult
Iedereen die voor het eerst naar Calpe komt, wordt bijna automatisch naar de zee getrokken. Logisch ook. Het strand ligt er uitnodigend bij, de boulevard leeft van ’s morgens tot ’s avonds en waar je ook staat, de Peñón de Ifach domineert het uitzicht. Dat beeld van Calpe kent bijna iedereen. Wat veel minder mensen kennen, is wat er zich achter die drukte bevindt.
Op een warme ochtend besloten Sylvie en ik om gewoon wat rond te wandelen. Zonder plan, zonder bestemming en eigenlijk ook zonder verwachtingen.
We lieten de boulevard achter ons en sloegen een straatje in dat we al tientallen keren voorbij waren gelopen zonder er echt aandacht aan te schenken. Binnen enkele minuten veranderde de omgeving volledig. De geluiden van de kust verdwenen naar de achtergrond en maakten plaats voor iets anders. Niet voor stilte, maar voor het ritme van een buurt waar mensen gewoon hun leven leiden.
Terwijl we verder wandelden, begon ik details op te merken die je normaal voorbijloopt wanneer je ergens doelgericht naartoe gaat. Een oudere man die rustig zijn stoel buiten zette. Een buurvrouw die bloemen water gaf op haar balkon. De geur van eten die uit een open keuken kwam. Achter een halfopen deur hoorde je stemmen en gelach. Het waren geen spectaculaire dingen, maar precies daardoor voelde het zo echt. Alsof je niet langer bezoeker was, maar heel even mocht meekijken in het dagelijkse leven van de stad.
Wat me misschien nog het meest verraste, was hoe de oude stad van Calpe zich langzaam ontvouwt. Ze geeft zichzelf niet in één keer prijs. Achter iedere hoek lijkt opnieuw een ander straatje te wachten.
Soms kom je uit op een klein pleintje waar niets lijkt te gebeuren. Dan weer ontdek je een gevel vol bloemen of een onverwacht uitzicht op de zee. Net wanneer je denkt dat je alles gezien hebt, trekt iets nieuws je aandacht en sla je opnieuw een onbekende richting in.
We kwamen uiteraard ook langs de bekende Spaanse trap, die ondertussen wellicht op duizenden vakantiefoto’s staat. Toch bleef ik daar minder lang staan dan verwacht. Niet omdat ze niet mooi is, integendeel. Maar omdat ik nieuwsgierig was naar wat erachter lag.
En dat is misschien wel wat de oude stad zo bijzonder maakt. De mooiste momenten zijn niet noodzakelijk de plekken die op foto’s verschijnen. Het zijn de straatjes tussenin. De onverwachte ontmoetingen. De kleine details die je alleen ziet wanneer je de tijd neemt om rond te kijken.
Toen we uiteindelijk terug richting appartement wandelden, vroeg ik aan Sylvie wat haar favoriete plek van de wandeling was. Ze dacht even na en zei dat ze eigenlijk geen specifieke plek kon aanwijzen. Het was eerder het gevoel dat haar was bijgebleven. Het gevoel dat je krijgt wanneer je ergens rondloopt zonder haast, zonder planning en zonder de behoefte om voortdurend iets te moeten zien of doen.
Achteraf besefte ik dat ik precies hetzelfde voelde. De oude stad van Calpe is niet indrukwekkend omdat er één monument staat dat je absoluut moet bezoeken. Ze blijft hangen omdat ze je nieuwsgierig maakt. Omdat je het gevoel hebt dat je nog niet alles ontdekt hebt.
En misschien is dat ook de reden waarom we er telkens opnieuw terugkeren. Niet om dezelfde straatjes nog eens te zien, maar om te ontdekken wat we de vorige keer hebben gemist. Want ergens tussen die witte gevels, kleurrijke bloemen en kronkelende steegjes wacht altijd weer een nieuw stukje Calpe dat je nog niet kende.